Arisaema taiwanense J.Murata, voor het eerst geldig gepubliceerd in Journal of Japanese Botany (deel 60, p. 353, 1985), is een elegante, middelgrote Aronskelksoort die endemisch is voor de vochtige bergbossen van Taiwan. De plant ontwikkelt zich uit een afgeplatte, bolronde knol van 2–6 cm diameter, omgeven door groenige tot roodachtig getinte cataphyllen die vaak fijn paarsbruin gevlekt zijn. Uit deze knol verschijnt doorgaans één enkel blad, gedragen door een lange bladsteel van 12–70 cm, wit tot lichtgroen van kleur en meestal opvallend gemarmerd met paarsbruine vlekken. Het onderste deel van de steel vormt een pseudostam, terwijl de bladschijf straalsgewijs is opgebouwd uit 7 tot 15 omgekeerd lancetvormige slippen, blauwgroen aan de onderzijde en frisgroen bovenaan, elk eindigend in een sierlijk, draadvormig verlengde top.
De bloeiwijze staat op een bloemstengel die steeds korter blijft dan de bladsteel. Het schutblad (spathe) is een van de meest karakteristieke onderdelen van de soort: de buis is wit tot lichtgroen met paarse strepen, terwijl de brede, eironde limb donkerpaars tot purperrood is en bezet met fijne groene stipjes. De limb loopt uit in een opvallend lange, filiforme staart die tot 40 cm kan afhangen en de plant een uitgesproken sierlijk silhouet geeft. Binnenin bevindt zich de kolf (spadix), 3–10 cm lang, met een duidelijk gescheiden vrouwelijke en mannelijke zone. De vrouwelijke zone is kegelvormig en bezet met talrijke stekelige steriele bloemen, terwijl de mannelijke zone cilindrisch is. De appendix is zittend, wit aan de top, cilindrisch en 1.7–7 cm lang, vaak met een rimpelige textuur.
Na de bloei ontwikkelen zich compacte trossen felrode bessen, die in de zomer en vroege herfst opvallen tussen het blad. De soort bloeit van mei tot juni en groeit in schaduwrijke, humusrijke bossen op middelhoge berghellingen, waar zij een karakteristiek element vormt van de Taiwanese ondergroei.
Deze andere producten kunnen je interesseren