Quercus macrocarpa Michx. (Bijeik) werd in 1801 beschreven door André Michaux. De soortnaam 'macrocarpa' betekent letterlijk 'grote vrucht' en verwijst naar de reusachtige eikels van de boom. De soort heeft het meest noordelijke verspreidingsgebied van alle Noord-Amerikaanse eiken: van de Canadese prairieprovincies Manitoba en Saskatchewan tot diep in Texas. De boom staat bekend om haar extreme pionierskwaliteiten op de open prairie, waar haar dikke kurkschors bescherming bood tegen bos- en prairiebranden.
Quercus macrocarpa is een majesteitelijke boom die 25 tot 35 meter hoog kan worden met een kolossale stamomtrek en een hele brede, krachtige kroon. De jonge takken ontwikkelen vaak opvallende kurklijsten. De bladeren zijn de grootste van alle Amerikaanse eiken: 15 tot 30 cm lang en 8 tot 15 cm breed. Het blad heeft een unieke vorm met een hele diepe insnijding in het midden (taille), waarbij de bovenste helft van het blad vormt als een brede, gewelfde kroon met afgeronde lobben. Het blad is stijf, glanzend donkergroen bovenaan en zilverachtig viltig aan de onderzijde.
De bloei vindt plaats in mei. De eikels van Quercus macrocarpa zijn ronduit gigantisch (3 tot 5 cm in diameter) en worden vrijwel volledig omsloten door een spectaculair bekertje dat aan de rand voorzien is van een dichte, mosachtige franje van zachte schubben. De eikels rijpen in 1 seizoen. In het najaar kleurt het grote loof naar een zacht geelbruine tot bronsgele tint.
Quercus macrocarpa is extreem winterhard (-35°C tot -40°C, USDA zone 3a) en behoort tot de meest sterke en aanpasbare eiken ter wereld. De boom verdraagt zware, verdichte kleigronden, sterk kalkrijke bodems, extreme droogte, hitte én strenge vorst moeiteloos. Dankzij haar diepe pennenwortel is de boom zeer windvast. Het is een fantastische, monumentale parkboom voor grote tuinen en landschappelijke projecten.
Deze andere producten kunnen je interesseren